In schoonheid afsluiten

Dat willen we allemaal; iets in schoonheid afsluiten. Alleen zijn we het er met z’n allen niet helemaal over eens wat ‘schoonheid’ is. Dat is op zich niet erg. Schoonheid hoort eigenlijk ongrijpbaar te zijn. Het is niet absoluut. Het mooie van ouder worden is, dat je steeds beter snapt wat ‘schoonheid’ voor jezelf betekent. Of beter gezegd: je zou het beter kunnen snappen als je jezelf niet laat afleiden door andere dingen.

Ik heb deze week redelijk last-minute vrij genomen. Van een echt plan is dan ook geen sprake. Ik heb zelfs nieuwsgierig gekeken of een midweekje Vlieland mogelijk zou zijn en zowaar: er waren vorige week (toen ik het opzocht) nog een paar accommodaties beschikbaar voor heel redelijke prijzen. Maar het is druk op het eiland en dat trekt me minder. Dat wil zeggen: de drukte van mensen. Volgens de berichten zijn er ook 24 zeehondenpups geteld op het strand. Dat soort drukte is dan wel weer leuk.

Maar goed. Geen plan dus. Wel altijd een soort van Wad-to-do lijstje in mijn achterhoofd. Hoog op de lijst staat al lang een bezoek aan Peazens-Moddergat. (Nederlandse spelling is Paesens, maar de namen van de verschillende plaatsen zijn al zo apart dat je net zo goed meteen de Friese naam kan gebruiken). Een tweelingdorp in het noordoosten van Friesland aan weerszijden van de slenk de Peazens. Van oorsprong een vissersdorp en nu de plek waar veel wadlopers aan de wandeling naar Ameland beginnen. Mijn voornemen is altijd geweest om Dokkum als uitvalsbasis te nemen en een groot deel van de route te voet af te leggen.

Als je op de kaart kijkt, ziet Dokkum-Peazens-Moddergat er ver uit. Maar de laatste maanden ga ik bijna dagelijks, in alle vroegte, te voet naar het werk en hemelsbreed is dat ongeveer dezelfde afstand. Dus ik heb er wel vertrouwen in. Zelfs op zondag als er geen bus in het dorp komt. Je moet alleen geluk hebben met het weer, want er is weinig beschutting in die hoek van Friesland.

‘Geluk hebben’ is niet helemaal het goede woord. De voorspelling voor de zondagochtend is gunstig. Temperaturen rond vriespunt, nauwelijks wind en mist. In Dokkum zie ik nog geen mist als ik naar het busstation loop. Het plan is om de bus van 9 uur te nemen die richting de veerhaven van Lauwersoog gaat, waar de boot naar Schiermonnikoog vertrekt. Tot zover bekend terrein. Ik wil uitstappen bij Mitselwier (wederom: dat is de Friese naam). Vanaf die halte heb ik een route uitgedokterd. De bus is een Q-liner en daarom een halve touringcar met de rode ‘ik-wil-eruit’ knop op een rare plaats. Ik heb het te laat in de gaten en we rijden Mitselwier voorbij. De chauffeur biedt zelfs aan bij de volgende rotonde om te draaien en terug te rijden, maar de volgende rotonde is ook de volgende halte bij Moarre. Ik weet dat ik het van daaruit ook kan lopen. Het is zelf korter waarschijnlijk. Moet alleen wat meer puzzelen tijdens het lopen. En bovendien wil ik zo snel mogelijk de bus uit. Want terwijl dit allemaal gaande is, zijn we de mist ingereden. Het is geen heel dichte mist en de zon is ook nog goed zichtbaar.

En zo sta je helemaal alleen, op een zondagmorgen, in de mist in het Friese landschap. En dan is er maar één ding dat je kan doen: het statief neerzetten en je camera uit de tas halen. Vervolgens een snelle eerste blik op Google maps en dan fier over Friese grond daveren. (dit is een creatieve toespeling op het Frysk Folksliet). De mist en de zon maken het bizar mooi. Ik loop om Moarre heen en zie dan het bomenlaantje. Terwijl ik het statief opstel meldt zich een jongeman uit het dorp om een vriendelijk praatje te maken.

Nadat ik Moarre achter me heb gelaten begint me een witte boog in de lucht op te vallen. Het is een mistboog. Zelfde principe als een regenboog. Maar waar bij een regenboog het zonlicht wordt gebroken door een gordijn van regendruppels, is het hier de mist die het licht breekt. In principe zijn dat ook waterdruppels, maar van een andere dichtheid. Dus de boog blijft wit en diffuus. Er zijn momenten waar je aan de randen een rode en violet gloed ziet. Volgens Wikipedia zie je mistbogen zelden. Maar ik heb de hele wandeling naar Peazens-Moddergat een boog gezien. Pas a;s ik aan het Wad ben, trekken mist  en mistboog weg.

Het is best druk op het Wad bij Peazens. Mensen die even met de auto zijn gekomen voor een ommetje. Maar gelukkig is het niet zo druk dat het storend is. En het is vooral heel erg ‘Wad’. Dat zit ‘m in wat je ziet, wat je hoort en wat je ruikt. Meer Wad is volgens mij niet mogelijk zonder met een boot te reizen. En ik snap ‘schoonheid’ weer een beetje beter.

Ik loop terug via de route die ik eigenlijk had bedacht voor de wandeling. Naar Mitselwier dus. Die route zou, ook in de mist, minder fraai zijn  geweest dan de route die ik die ochtend heb gelopen. Hebben die onlogisch geplaatste knoppen in de bus toch nog hun nut.

Er zijn mensen die zo’n ochtend ‘een cadeautje’ zouden noemen. Maar ik ben niet zo’n fan van die uitdrukking. Je krijgt geen cadeautjes van de natuur, je maakt er zelf immers deel van uit. Het gaat er niet om wat je krijgt, maar wat je zelf wil zien.

Fijne jaarwisseling en de beste wensen voor 2026.

Peter

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *